Vrouwen
in Quetzaltenango Xela, 10 oktober 2002 (door M)
Het leuke van wat langere tijd in dezelfde plaats verblijven
is dat je sommige inwoners wat beter leert kennen. Hieronder
volgt een greep uit het leven van drie vrouwen uit Quetzaltenango.
Verder...
Tilapa: zon, zee en strand Xela, 8 oktober 2002 (door Rob)
Als we de bus inklimmen zien we tot onze schrik dat er geen
plaatsen meer vrij zijn. De bagagerekken liggen vol met grote
weekendtassen. De kans dat er spoedig een aantal mensen zullen
uitstappen achten wij dan ook gering. We bereiden ons mentaal
voor op een paar uur afzien. Verder...
De
maagden van Xela Xela, 28 september 2002 (door Rob)
'Ratatatatatatatatatat', klinkt het plotseling vlak onder
ons raam. Als we niet beter wisten zouden we denken dat een
nieuwe revolutie zou zijn ingezet. Gelukkig zijn we na een
verblijf van een paar maanden in Mexico en Guatemala wel gewend
aan het ratelende geluid van de matten (rotjes) die praktisch
elke dag wel ergens worden afgestoken. Verder...
Dansen
op de vulkaan Xela, 18 augustus 2002 (door Rob)
Elke maandagochtend tijdens de pauze wordt door de directeur
van de school waar wij Spaanse les volgen de activiteiten
van de week gepresenteerd. Doordeweeks bestaan deze vaak uit
het bekijken van een film, het bijwonen van een lezing over
één van de aspecten van de veelzijdige Guatemalteekse
cultuur, een bezoek aan een dorp in de buurt of een dansles.
In het weekend worden vaak wat intensievere trips georganiseerd.
Zo staat op zaterdag 17 augustus het beklimmen van de vulkaan
Santa Maria op het programma. Vastbesloten de top te halen
begin ik aan de voorbereidingen. Verder...
Families
in Guatemala Xela, 15 augustus 2002 (door Rob)
Wie Spaans wil leren in Latijns-Amerika zal niet om Guatemala
heen kunnen. Na een paar uurtjes surfen op het web kwamen
we tot de conclusie dat lessen in dit land veruit het goedkoopste
zijn. Elk stadje heeft wel een aantal scholen. Een volgende
vraag is dan: waar kan en wil ik het een paar weken uithouden?
Van diverse kanten hadden we gehoord dat Antigua weliswaar
erg mooi is maar iets teveel westerlingen aantrekt wat ten
koste zou gaan van de 'imersion total (=totale onderdompeling)'.
Voor ons een van de redenen om ons heil te zoeken in Xela.Verder...
Vrouwen
in Quetzaltenango Xela, 10 oktober 2002 (door M)
Het leuke van wat langere tijd in dezelfde plaats verblijven
is dat je sommige inwoners wat beter leert kennen. Hieronder
volgt een greep uit het leven van drie vrouwen uit Quetzaltenango.
Edna,
een jonge vrouw van 26 jaar, merkte vlak na haar scheiding
dat ze opnieuw zwanger was. Haar ex-man heeft het kind wel
erkend, maar daarna heeft ze nooit meer iets van hem gehoord.
Samen met haar drie dochters van 8, 6 en 5 jaar en haar zoontje
van 4 woont ze bij haar ouders. Gelukkig hebben die een ruime
woning en kan ze goed met hen opschieten, want geld voor een
huurhuisje heeft ze niet. De directe aanleiding voor haar
scheiding was dat ze ging werken en niet veel later aanving
met een studie rechten. Haar man eiste dat ze thuis bleef,
maar Edna koos voor zichzelf, alhoewel dat geen gemakkelijk
leven is.
Elke ochtend brengt ze, met de bus, eerst haar dochters naar
school en rent dan door naar haar werk. Minimale reisduur
is 30 minuten. Van 08.00 uur tot 13.00 uur geeft ze Spaanse
les aan buitenlanders en bij voorkeur, slechts uit economische
motieven, ook 's middags nog 2 of 3 uur. Bij 5 uur werken
per dag verdient ze Q. 250 (= ca. 35 euro) per week. Altijd
is er de onzekerheid of ze de volgende week weer werk heeft.
Dit hangt af van het aantal inschrijvingen. En geen werk betekent
geen inkomen.
Al 5 jaar lang gaat Edna van maandag tot vrijdag van 18.00
uur tot 21.30 uur naar de universiteit. Na het komende jaar
(een studiejaar loopt in Guatemala gelijk met een kalenderjaar)
moet ze praktijkervaring opdoen. Dat wil ze gaan doen in Quiché
of Huehuetenango (ver van huis). Omdat daar geen universiteit
is en dus vrijwel geen student-advocaten, kan ze dat in 6
maanden afronden. Het salaris dat ze zal ontvangen zal ze
nodig hebben voor onderdak en eten. De kinderen zullen gedurende
die tijd volledig door haar ouders verzorgd worden. Van haar
huidige karige inkomen probeert ze nu en het komende jaar
te sparen om in die periode de kosten van levensonderhoud
voor haar kinderen te kunnen betalen. Na haar praktijkervaring
zal ze -naar alle waarschijnlijkheid- nog zo'n 6 maanden nodig
hebben om af te studeren.
Alsof Edna het nog niet druk genoeg heeft, doet ze ook nog
vrijwilligerswerk voor een gezondheidsproject. Drie zaterdagen
in de maand bezoekt ze 25 gezinnen, woonachtig bij haar in
de buurt. Ze noteert wijzigingen in het gezin en geeft advies
om een kliniek of dokter te bezoeken. Wanneer het belangrijk
is dat medicijnen ingenomen worden of wanneer een wond verzorgd
moet worden, gaat ze zelfs dagelijks langs. Gelukkig is dat
nog niet vaak voorgekomen. Ze doet dit werk zo goed, dat het
coordinerend instituut haar een opleiding tot verpleegkundige
heeft aangeboden, met volledige beurs. Edna prefereert echter
haar rechtenopleiding af te maken.
Magda,
een 36-jarige vrouw van indiaanse afkomst, trouwde pas op
haar negenentwintigste. De familie vroeg haar al jaren wanneer
het er van ging komen, maar Magda had geen haast. En ze brak
met nog een traditie, want in plaats van een indiaanse man
te trouwen koos ze voor een ladino (de benaming voor mensen
van gemengde afkomst, dat wil zeggen met indiaanse en Europese
voorouders). Haar vader, een man die zeer hecht aan tradities,
eiste desondanks dat bepaalde indiaanse ceremonies uitgevoerd
werden.
Zo moest de bruidegom en zijn familie zich officieel komen
voorstellen. Het gaat dan niet alleen om de ouders en broers
en zussen, maar ook alle ooms en tantes worden verwacht. Het
feit, dat het grootste deel van zijn familie ver weg woonde,
deed niet ter zake. Omdat de familie van de bruidegom dit
gebruik niet eigen was, fungeerde de oudere broer van Magda,
die het geheel zelf al eens had meegemaakt, als een soort
van ceremoniemeester. Op de afgesproken dag begaf de gehele
familie zich naar het huis van de ouders van Magda, waar haar
familie zich al had verzameld. Zoals het hoort had de familie
van haar toekomstige man grote manden met rum en borrelhapjes
bij zich, afgedekt met speciaal voor zo'n gelegenheid gewoven
kleden (geleend van de broer), op het hoofd gedragen door
een aantal daarvoor ingehuurde vrouwen. Volgens oud gebruik
dient de weg van het huis van de bruidegom naar het huis van
de bruid te voet afgelegd te worden. Omdat dat in dit geval
niet haalbaar was, werd alleen de laatste kilometer gelopen.
Na deze hindernis volgde er al snel nog één:
de planning van de bruiloft. Opnieuw had de vader van Magda
een eis. Er moest volgens eeuwenoude traditie marimbamuziek
gespeeld worden. De marimba is een xylophoonachtig instrument
gemaakt van hout, dat bespeeld wordt door meerdere mannen.
De bijbehorende dansen zijn vooral erg monotoon en worden
vrijwel alleen gewaardeerd door ouderen van indiaanse afkomst.
De vader van de bruidegom daarentegen wilde persé geen
marimba op de bruiloft van zijn zoon. Om conflicten te vermijden
en beide families te vriend te houden koos het bruidspaar
voor twee feesten, met alle extra kosten van dien: één
voor de genodigden van Magda, overigens betaald door haar
vader, en één voor de genodigden van haar aanstaande
echtgenoot. De kosten van het laatstgenoemde feest kwamen
voor zijn rekening.
Na de kerkelijke inzegening gingen Magda en haar man naar
het feest van de bruid (of eigenlijk het feest van haar vader...).
Daar waren al haar gasten die bij het feliciteren de cadeaus
alleen aan haar overhandigden. Ze was daar zelf bijzonder
verbaasd over, alsof de geschenken niet voor hen beide waren.
Na de openingsdans, zoals gebruikelijk in Latijns-Amerika
een wals, volgde gedurende zo'n anderhalf uur marimbamuziek,
waar volgens verwachting alleen door de oudere gasten op gedanst
werd, terwijl de rest van het gezelschap geeuwend toekeek.
Pas daarna volgde moderne muziek.
Inmiddels waren Magda en haar man door enkele van zijn familieleden
opgehaald om het feest van de bruidegom, gehouden op een andere
lokatie, bij te wonen. Ook daar volgde eerst een felicitatieronde
en werden de cadeaus overhandigd. Dit keer moest specifiek
de bruidegom ze in ontvangst nemen. Hoewel dit feest al even
aan de gang was moesten Magda en haar man alsnog het feest
openen, natuurlijk weer met de traditionele wals, waarna een
mengeling van salsa, merengue en andere moderne muziek gespeeld
werd.
Tot het einde bleven Magda en haar man op dit feest om vervolgens,
voor het eerst van hun leven, samen naar hun eigen stekje
te gaan.
Ingrid,
17 jaar oud, is eerstejaarsstudent medicijnen. Voor ze werd
toegelaten tot de universiteit, moest ze, zoals alle aspirant-studenten
medicijnen, een medische keuring ondergaan. Die diende te
worden uitgevoerd door een onafhankelijke arts. Ogen, gebit,
lengte, gewicht, het kwam allemaal aan bod. Ingrid werd goedgekeurd,
maar met de kanttekening dat ze gedurende haar eerste studiejaar
flink moest afvallen. Het heeft haar heel wat moeite gekost,
maar inmiddels is ze aardig wat kilo's kwijt. Voor aanvang
van het volgende jaar zal ze opnieuw gekeurd moeten worden.
Mocht ze niet genoeg gewicht verloren zijn, dan wordt ze niet
toegelaten tot het tweede jaar, ongeacht haar studieresultaten.
Overigens volgen daarna geen keuringen meer en zou Ingrid
-in theorie- zonder verdere consequenties flink kunnen aankomen.
Ze is echter vastbesloten dat niet te laten gebeuren.
De meeste jongeren in Guatemala gaan niet direct na de middelbare
school studeren, maar werken eerst een aantal jaren om de
familie te ondersteunen. Omdat van de meeste studierichtingen
de colleges in de avonduren vallen, blijft men -en moet
men over het algemeen- ook tijdens de studie overdag werken,
al dan niet part-time. Tot nog toe bestaat er geen maximale
periode waarbinnen de studie afgerond moet zijn. Het is heel
gebruikelijk om mensen van ver boven de 30 in de collegebanken
aan te treffen.
Ingrid daarentegen is absoluut de jongste binnen haar studierichting,
en misschien wel binnen de gehele universiteit. Ze heeft het
geluk dat haar ouders haar opleiding kunnen bekostigen en
hoeft er niet bij te werken. Voor studenten medicijnen is
dat overigens bijna onmogelijk. Hun colleges zijn namelijk
wel overdag en veel: van maandag tot vrijdag van 08.00 uur
tot 12.00 uur en van 14.00 uur tot 17.00 uur. Op zaterdag
volgt Ingrid Engelse les. Omdat vanaf het derde jaar veel
boeken alleen in het Engels beschikbaar zijn, eist de universiteit
dat bij aanvang van dat jaar een TEFL-diploma (=teaching english
as a foreign language) kan worden overhandigd. Gezien de prijs
van het examen (Q. 1000) is het wel de bedoeling dat ze het
in één keer haalt.
Naast al die college- en lesuren gaan er ook thuis nog heel
wat uren in de studie zitten. Daarnaast is Ingrid voor haar
moeder de ideale dochter want ze helpt regelmatig in de keuken.
Tilapa:
zon, zee en strand Xela, 8 oktober 2002 (door Rob)
Als we de bus inklimmen zien we tot onze schrik dat er
geen plaatsen meer vrij zijn. De bagagerekken liggen vol met
grote weekendtassen. De kans dat er spoedig een aantal mensen
zullen uitstappen achten wij dan ook gering. We bereiden ons
mentaal voor op een paar uur afzien.
Met een aantal studenten van onze school hebben we besloten
dit weekend een uitstapje te maken naar Tilapa, gelegen aan
de zuidkust van Guatemala. Vanzelfsprekend maken we dit tripje
met het openbaar vervoer, wat in dit land louter bestaat uit
afgedankte Amerikaanse schoolbussen.
Met een beetje wringen lukt het een aantal van ons om naast
twee andere passagiers een klein stukje bank te bemachtigen
waarop een miniscuul deel van het achterwerk kan plaats nemen.
Echt comfortabel is het echter niet omdat je telkens moet
opstaan als de 'ayudante' (assistent van de chauffeur) door
het toch al smalle gangpad loopt om geld te innen van de passagiers.
Omdat we bergaf gaan weet de chauffeur er een flink tempo
in te houden. Bij elke bocht moeten de armspieren in actie
komen om te voorkomen dat ook het kleine stukje bil dat wel
plek heeft gevonden van het bankje wordt gelanceerd. Met het
dalen voelen we de temperatuur met sprongen stijgen. De regenjassen
en truien, die in Xela nog hoognodig waren, worden uitgetrokken.
Langs de kant van de weg zien we steeds meer bananenbomen
en andere planten die goed gedijen in een warm en vochtig
klimaat.
Iets na de middag komen we aan in Tilapa dat eigenlijk niet
meer is dan een pleintje met wat simpele
huisjes er omheen. De twee hotelletjes die het oord rijk is
hebben beide nog voldoende kamers waaruit we kunnen kiezen.
In geen velden of wegen zijn andere toeristen te bespeuren.
Niet veel later lopen we naar het strand waar diverse uitbaters
van eettentjes ons al staan op te wachten. Van verschillende
kanten worden de menu's van de dag voorgedragen. We
besluiten mee te gaan met Rosita die samen met haar man het
meest veraf gelegen tentje runt. Net als alle andere bestaat
deze uit een constructie van aan elkaar geknoopte boomstammetjes
met daar bovenop uitgedroogde palmbladeren die voor wat schaduw
zorgen. Tussen de boomstammetjes zijn een stuk of zes hangmatten
bevestigd. Verder tel ik zo'n 8 tafels met bankjes waarvan
het onderstel zo scheef staat dat het lijkt alsof ze elk moment
in elkaar kunnen zakken. Twee meisjes van een jaar of tien
zijn bezig met de vaat. Achter het tentje staat een jongetje,
niet ouder dan acht, als een Sandokan met een groot kapmes
hout te kappen voor het vuur waarop mams de maaltijden bereid.
Hier en daar lopen een aantal kippen gevolgd door een half
dozijn kuikens. Een van de kippen heeft de geneugten van een
hangmat ontdekt en lijkt zich niet te storen aan de aanwezigheid
van zeven westerse toeristen. Om alvast een idee te krijgen
van wat er op het menu staat word ik aan de hand meegenomen
naar de koelkast. Rosita toont mij een forse vis waar een
heel weeshuis genoeg aan zou hebben. Behalve deze vis zijn
er ook grote garnalen en natuurlijk een onuitputtelijke hoeveelheid
zwarte bonen.
Nadat we onze spullen op een van de tafels hebben uitgestald
rennen we over het gloeiendhete grijszwarte zand naar de zee
voor een frisse duik. De forse golven zorgen voor het nodige
vertier. Daarna is het tijd voor de maaltijd. De keuze tussen
visfilet of garnalen is voor Samantha, een Canadese veganist¹,
geen aantrekkelijke. Na enige momenten van overpeinzing besluit
ze toch te gaan voor vis met het argument dat het beestje
tot zijn laatste adem in vrijheid heeft geleefd.
Het idee om 's avonds terug te gaan naar het strand om bij
een kampvuurtje sterke verhalen te vertellen laten we schieten
als we van verschillende kanten horen dat het er niet veilig
is. In plaats daarvan lopen we naar het pleintje dat 'bruist'
van de activiteit. Voor de verschillende stalletjes zitten
groepjes mensen op plastic stoeltjes naar een televisie te
kijken. Als de film (101 Dalmatiërs in het Spaans) tegen
21.45 uur is afgelopen stroomt het pleintje leeg en worden
de luiken van de stalletjes gesloten. Wij hebben dan nog 15
minuten om terug te gaan naar ons hotel voordat ze ook daar
de poorten sluiten.
De volgende ochtend worden we wakker door het krijsen van
een gifgroene papegaai. Even later zijn we weer op het strand
waar we bij hetzelfde tentje als gisteren gaan ontbijten.
Het stukje visfilet is bij Samantha duidelijk niet goed gevallen.
Ze besluit dan ook het ontbijt maar over te slaan. Wij laten
ons daarentegen de roereieren met tomaten, uien, salsa picante,
tortillas en voor wie wil frijoles (=bonen) goed smaken.
Na een laatste duik in de Pacifische Oceaan gaan we in de
late ochtend terug
naar het hotelletje om onze spullen op te halen. We zien dan
nog net de bus richting Xela voor onze neus weg rijden. Terwijl
we in de brandende zon wachten op de volgende bus tracteert
Eric, afkomstig uit het duitssprekende deel van Belgie, ons
op frisse licuados (fruitshake). Als de bus arriveert hebben
we het geluk dat er ditmaal plek genoeg is. Eric trekt alle
aandacht als een baby'tje zijn vingers vastpakt en deze niet
meer wil los laten. Wellicht denkt het erg blonde kindje dat
deze vreemdeling met dezelfde kleur haar zijn vader is. Na
anderhalf uur rijden stappen we in de stromende regen over
op een andere bus met bestemming Xela. Naast Samantha komt
een indianenvrouwtje zitten met een kindje op haar rug gebonden.
Als de kleine ontwaakt krijgt hij de borst toegediend. Dit
is voor de kleine duidelijk niet genoeg waarop de moeder hem
een half afgekloven varkenspootje in de handen stopt. Na hier
even op te hebben gesabbeld port hij het kluifje in de wang
van de arme Samantha, die niet alleen veganist is maar ook
van joodse afkomst en daarom varkensvlees absoluut verafschuwt.
Opstaan en naar een andere plaats gaan is voor haar geen optie
want de bus heeft zich inmiddels al weer helemaal gevuld.
Bij het betalen van de rit moeten wij even glimlachen als
we de reden horen waarom het terug 1 quetzal duurder is: we
gaan nu bergopwaarts.....!
¹Een veganist is iemand die geen vlees
of andere van dieren afkomstige producten eet, dus ook geen
melk, kaas, eieren, etc.
De
maagden van Xela Xela, 28 september 2002 (door Rob)
'Ratatatatatatatatatat', klinkt het plotseling vlak onder
ons raam. Als we niet beter wisten zouden we denken dat een
nieuwe revolutie zou zijn ingezet. Gelukkig zijn we na een
verblijf van een paar maanden in Mexico en Guatemala wel gewend
aan het ratelende geluid van de matten (rotjes) die praktisch
elke dag wel ergens worden afgestoken.
Na een afwezigheid van drie weken zijn we voor de tweede maal
in Xela, waar we wederom onderdak hebben gevonden bij een
gastgezin. Tijdens één van onze eerste avondmaaltijden
maakt de altijd zo rustige moeder des huizes een enigszins
nerveuse indruk. We hebben het eten nog maar net op of ze
haalt een stuk of tien kop en schoteltjes uit de overvolle
vitrinekast die een halve wand van de keuken in beslag neemt.
Het wordt ons duidelijk dat het hele gezin zich opmaakt voor
'hoogwaardig bezoek'. Zoals gebruikelijk danken wij de moeder
voor de maaltijd en gaan vervolgens naar onze kamer om uit
te buiken. Niet veel later kondigen de luide knallen het bijzondere
bezoek aan¹. We begeven ons naar het raam en zijn nog
net op tijd om te zien dat een groepje van zes personen met
een groot beeld het huis binnen gaat.
De
volgende ochtend tijdens het ontbijt vertelt de moeder vol
trots dat ze 48 uur de zorg over de 'Virgen de Dolores' heeft.
Deze maagd is de beschermheilige van de kerk waar onze familie
elke zondag trouw naar toe gaat. Een aantal maanden per jaar
gaat het kerkbestuur op pad met een replica van de maagd.
Degene die bovenop de gezinsbijdrage een extra financiële
bijdrage heeft geleverd aan de kerk krijgt in deze periode
de maagd twee volle dagen op bezoek. Vanzelfsprekend is dit
voor de ontvangende familie een hele eer en waarschijnlijk
ook weer een stimulans om de gezinsbijdrage aan de kerk voort
te zetten. Eerder in het jaar waren er bij onze familie al
eens twee maagden van andere kerken op bezoek....
Het fenomeen van de beschermheilige is niet alleen voorbehouden
aan de afzonderlijke kerken. Ook katholieke scholen, universiteiten
en andere instanties beschikken veelal over een patroon. De
naamdag van al deze heiligen wordt traditiegetrouw in alle
vroegte (rond 5.00 uur) aangekondigd met het afsteken van
knalvuurwerk. Zo ook op 26 september. Geruime tijd voordat
de wekker van zich zou laten horen zijn we al klaarwakker.
Vandaag zal de patroonheilige van Xela, de Virgen del Rosario
(=Maagd van de Rozenkrans), tijdelijk van de kapel van de
kathedraal, met een kleine omweg langs het Parque Central,
naar het hoofdaltaar verhuizen. Voor de katholieken van Xela
en omgeving is dit een van de meest belangrijke dagen van
het jaar.
Genietend van de ochtendzon zien wij vanaf het balkon van
onze school grote groepen schoolmeisjes, allen in keurig schooluniform
en begeleid door nonnen, zich naar het park begeven. Als de
maagd in zicht komt wordt er een lint rotjes met een lengte
van zeker 150 meter aangestoken. Dit 'kadootje' van de taxichauffeurs
die het park als thuishaven hebben, zorgt ervoor dat een normale
conversatie, of Spaanse les, voor zeker 15 minuten onmogelijk
is. Ik besluit samen met mijn lerares naar buiten te gaan
om het spektakel van dichtbij te kunnen aanschouwen.
De
processie, die in een slakkengang voorbij trekt, wordt vooraf
gegaan door de bisschop, gevolgd door de priesters die zichtbaar
genieten van het hele spektakel. Vlak voor de Maagd lopen
een aantal weduwen, die na het overlijden van hun echtgenoot
een vroom leven zijn gaan leiden. Over hun traditionele hoofddeksels
dragen zij een wit kanten sluiertje. In hun handen dragen
zij een witte kaars. Zij worden gevolgd door een groepje mannen
die qua kleding lijken op curanderos (medicijnmannen). Mijn
lerares verklaart echter dat dit mannen van gegoede afkomst
zijn die, gehuld in traditionele kledij, de eer hebben de
Maagd te begeleiden op deze bijzondere dag. De enorme met
bloemen versierde draagbaar met de Maagd erop wordt gedragen
door een groot aantal schoolkinderen. Het geheel wordt gevolgd
door diverse schoolbands met veel trommels en xylophoons.
Na een half uur besluiten we terug te gaan naar het klaslokaal.
De Virgen del Rosario is dan nog niet eens halverwege. Mijn
lerares vertelt vervolgens het verhaal dat schuil gaat achter
de maagd. Het beeld dat we zojuist in levende lijve hebben
gezien is lang geleden, ten tijde van de Spaanse overheersing,
vanuit Spanje naar Midden-Amerika gebracht. Hier
aangekomen werd ze met paard en wagen naar haar plaats van
bestemming vervoerd. Voordat ze deze plaats echter bereikten
begon het enorm te regen, zo hard dat haar begeleiders besloten
te gaan schuilen. Toen de lucht weer enigszins was opgeklaard
en men de reis wilden voortzetten gebeurde er iets onverklaarbaars.
Het beeld was in korte tijd zo zwaar geworden dat het voor
de mannen onmogelijk was de maagd op te tillen. Er zat niets
anders op dan de maagd op deze plaats, de kathedraal van Xela,
achter te laten. Ook is het zo dat het meestal regent op de
dag dat de Maagd van haar plek wordt gehaald. Als ik uit nieuwsgierigheid
uit het raam kijk zie ik inderdaad dat de blauwe lucht van
eerder op de ochtend gevuld is met donkere wolken en niet
veel later zie ik de eerste regendruppels op het glas verschijnen.
Toeval?
De komende negen dagen zal er in de kathedraal dagelijks driemaal
per dag de rozenkrans worden gebeden. Op het einde van de
negende dag (zaterdag 5 oktober) zal er een marimba-concert
plaats vinden ter ere van de Maagd. Dit concert zal duren
tot de volgende ochtend vroeg. Maandag 7 oktober is de officiële
naamdag van de Virgen del Rosario wat wederom met veel vuurwerk
en processies (van replica's) wordt gevierd. Het sluitstuk
van het jaarlijkse festijn van de Maagd vindt plaats op de
laatste zondag van oktober. Op deze dag zal Zij weer worden
teruggebracht naar haar eigen plek in de kapel. Zal het deze
dag wederom gaan regenen?
¹Het is daarnaast ook een traditie om
een jarige 's ochtends in alle vroegte te wekken met cuetes
(rotjes).
Dansen
op de vulkaan Xela, 18 augustus 2002 (door Rob)
Elke maandagochtend tijdens de pauze wordt door de directeur
van de school waar wij Spaanse les volgen de activiteiten
van de week gepresenteerd. Doordeweeks bestaan deze vaak uit
het bekijken van een film, het bijwonen van een lezing over
één van de aspecten van de veelzijdige Guatemalteekse
cultuur, een bezoek aan een dorp in de buurt of een dansles.
In het weekend worden vaak wat intensievere trips georganiseerd.
Zo staat op zaterdag 17 augustus het beklimmen van de vulkaan
Santa Maria op het programma. Vastbesloten de top te halen
begin ik aan de voorbereidingen.
Vrijdagavond wordt er traditioneel een 'cena' (=diner) geserveerd
op school waarbij alle studenten mogen aanschuiven. Het eten
is gratis, de drankjes moeten zelf worden meegenomen. Na het
eten worden de tafels aan de kant geschoven en wordt er een
cd met merengue-muziek opgezet. Of je wil of niet, gedanst
zal er worden. Tegen tienen gaan de meesten naar het populaire
La Fratta, waar tot in de kleine uurtjes kan worden gedanst.
Omdat ik de volgende ochtend al om 5.00 uur wordt verwacht,
lijkt het mij niet slim om deze avond met hen mee te gaan.
Als de wekker om 4.30 uur afgaat zegt een donker stemmetje
in mijn hoofd dat ik de wekker moet uitzetten en vooral moet
doorslapen. Een ander stemmetje zet alles op alles om mij
uit bed te krijgen. Als de strijd tussen de twee stemmetjes
in het voordeel van de laatste is beslist, sta ik op en doe
op de automatische piloot mijn ochtendritueel. Gepakt
met drie liter water, belegde broodjes en een paar bananen
loop ik naar de school waar de sporen van de vorige avond
nog duidelijk te zien zijn. Tot mijn verbazing zijn alle medestudenten
die zich hadden aangemeld present. Ook degenen die wel La
Fratta zijn gegaan.
Gezamenlijk lopen we naar het centrale plein van Xela waar
een aantal lieden rondom een grote barbeque met smeuige kippenpoten
zit. Marvin, de zoon van de directeur en onze gids van vandaag,
stapt op het groepje af en begint te onderhandelen met een
van de aanwezige taxichauffeurs. Vijf minuten later rijden
we over de hobbelige wegen van de buitenwijken richting de
vulkaan, een rit van zo'n twintig minuten. Op de plek waar
de 'weg' ophoudt stappen we uit en geven de chauffeur de afgesproken
quetzales. Uiterst nieuwsgierig naar onze plannen op dit buitensporig
vroeg tijdstip vraagt hij wat we van plan zijn. 'Subir al
volcan', beantwoord ik in mijn beste Spaans. Hij kijkt in
de richting van de vulkaan en schudt langzaam zijn hoofd.
Hoe lang denken we er over te doen? Marvin antwoordt: 'tres
horas, mas o menos..'. Nadat hij ons succes heeft gewenst,
keert hij zijn gammele auto en rijdt terug in de richting
van de stad.
Voor ons staat de imposante vulkaan Santa Maria. Ik kan me
nog niet goed voorstellen dat we over een paar uur op de top
van deze joekel staan. Na een opbeurend 'Vamonos!' van Marvin
gaan we op pad. Het eerste deel voert langs maisvelden en
andere gewassen. Drie kwartier later en een paar liter zweet
minder stoppen we op een vlakker deel om de vochthuishouding
op peil te brengen en wat koolhydraten tot ons te nemen.
Het tweede deel is gelukkig wat vlakker dan het eerste. Jammer
alleen dat het maar van korte duur is want eenmaal aangekomen
op de bergwand van de vulkaan begint het echte klimwerk. Het
smalle pad is bezaait met stenen van diverse grootte. Op plaatsen
waar de begroeing dicht is, is de grond nat en daardoor slipperig.
Op meer open stukken is de grond juist erg droog wat ook nog
wel eens tot een glijpartijtje leidt. Regelmatig stoppen we
even om de zwaar verzuurde benen wat rust te gunnen en van
het spectaculaire uitzicht te genieten. Op sommige plekken
is het zicht zo mooi dat we wat mij betreft niet verder hoeven
te klimmen. Gelukkig denkt de rest van de groep hier anders
over. Tegen
negen uur staan we op de top van de vulkaan, 3.772 meter boven
zeeniveau. Dit betekent dat we 1.439 meter hoger staan dan
de plek waarvandaan we zijn vertrokken. Het uitzicht over
de stad is grandioos. In zuidwestelijke richting is de kust
te zien terwijl in zuidoostelijke richting een puntje van
Lago de Atitlan is waar te nemen. Iets verderop staat Marvin
te gebaren dat we verder moeten komen naar een iets lager
gelegen deel van de vulkaan. Vanaf deze plek hebben we goed
zicht op de nabij gelegen kleinere vulkaan Santiaguito (2.488
meter). Volgens Marvin is er vrijwel elk uur een uitbarsting
waar te nemen bij deze vulkaan. Met onze camera's in de aanslag
gaan we er eens goed voor zitten. Er is schijnbaar net een
uitbarsting geweest want meer dan het pluimpje rook is er
niet waar te nemen. Dan klinkt uit het niets het geluid van
een vliegtuig dat steeds dichterbij lijkt te komen. Het pluimpje
rook wordt dikker en dikker en neemt de vorm aan van een enorme
paddestoel. Het is een waanzinnig mooi schouwspel.
In heel Centraal Amerika zijn honderden vulkanen te vinden,
zowel slapende als actieve. De oorzaak van de vulkanische
activiteit moet volgens geografen gezocht worden in het feit
dat de Cocosplaat onder de Caribische plaat schuift in een
tempo van ongeveer 10 centimeter per jaar. Op de plek waar
dit plaats vindt wordt de rand van de Caribische plaat verbrokkeld
en omhoog gestuwd wat aardbevingen en vulkanische activiteit
tot gevolg heeft.
Zoals al voorspeld door Marvin komen tegen half elf grote
wolken aanzetten. Het zicht is ineens een stuk minder. Voor
ons aanleiding om aan de afdaling te beginnen. Een exercitie
die in mijn beleving nog zwaarder is dan de beklimming zelf.
Een dikke twee uur later staan we weer in het dorpje aan de
voet van de vulkaan.
Drie dagen later voel ik de beklimming nog in mijn benen en
troost me met de gedachte dat ik zeker niet de enige ben.
Het was een mooi avontuur.
Families
in Guatemala Xela, 15 augustus 2002 (door Rob)
Wie Spaans wil leren in Latijns-Amerika zal niet om Guatemala
heen kunnen. Na een paar uurtjes surfen op het web kwamen we
tot de conclusie dat lessen in dit land veruit het goedkoopste
zijn. Elk stadje heeft wel een aantal scholen. Een volgende
vraag is dan: waar kan en wil ik het een paar weken uithouden?
Van diverse kanten hadden we gehoord dat Antigua weliswaar erg
mooi is maar iets teveel westerlingen aantrekt wat ten koste
zou gaan van de 'imersion total (=totale onderdompeling)'. Voor
ons een van de redenen om ons heil te zoeken in Xela.
De tweede stad van Guatemala heet officieel Quetzaltenango,
maar de Quiché Maya naam Xelajú of simpelweg Xela is het meest
ingeburgerd. Hier aangekomen zijn we meteen op zoek gegaan naar
een geschikte school. Met de twee weken Spaanse les in San Cristobal
(Mexico) in het achterhoofd hadden we een aantal vragen geformuleerd
die ons van belang leken bij de selectie: welke lesmethode wordt
er gebruikt, hoeveel ervaring hebben de docenten, hoe lang duren
de lessen, worden er ook buitenschoolse activiteiten georganiseerd
en wat kunnen we verwachten van een verblijf bij een lokale
familie. Hoe meer scholen we bezoeken, hoe lastiger het wordt
om een keuze te maken. De antwoorden op onze vragen zijn vrijwel
gelijk. Een van de bezochte scholen is Utatlan, bijzonder centraal
gelegen in Xela. Hier worden we met open armen ontvangen door
Tibi, een 24-jarige Hongaar, die bij deze school de rol vervult
van coördinator. Vol enthousiasme vertelt hij over het leven
in Xela, de school en zijn taken. Hij weet ons ervan te overtuigen
dat een verblijf bij een Guatemalteeks gezin een prima ervaring
kan zijn. Hij kent alle families persoonlijk en beweert regelmatig
onverwachtse bezoekjes te brengen om er voor te zorgen dat het
de studenten aan niets ontbreekt.
Vrijdag laat in de middag hakken we de knoop door en gaan we
in zee met Utatlan.
Maandagochtend om 08.00 uur melden we ons met onze rugzakken
bij de directeur die ons voorstelt aan onze docenten. Vijf uur
later zit onze eerste lesdag erop en is het tijd om naar ons
gastgezin te gaan. Het is een wandeling van ongeveer vijf minuten.
Aan de buitenkant te zien is het een klein huisje, naar
schatting slechts 3 meter breed. De vrouw des huizes opent de
deur en gebaart ons verder te komen. Een beetje onwennig staan
we in een smal kamertje met twee tafels waaraan een aantal jongelieden
zit te eten. Ze groeten beleefd en kijken vervolgens weer naar
de prominent aanwezige televisie. We lopen een paar stappen
verder en komen in het volgende kamertje. Ook hier lijkt het
niet veel breder dan een doorsnee gangpad. Aan de inrichting
te zien wordt deze ruimte door de familie beschouwd als woonkamer.
Tegen één muur staan twee banken direct tegen elkaar aan geplaatst,
aan de andere kant staan twee armoedige fauteuils. Ook hier
staat een grote televisie. Een bejaarde man groet beleefd als
we hem passeren. Achter het woonkamertje is de patio met de
keuken en de badkamer met toilet. Ook bevindt zich hier de trap
naar de tweede verdieping. Vlakbij de trap staat een soort aanrecht
met twee spoelbakken, gemaakt van beton. Eén van de bakken is
tot de rand gevuld met helder water. Aan de overloop van de
tweede verdieping tel ik vier deuren. De kamer achter de derde
wordt de onze. De ruimte is ongeveer 4x3 meter. Het bed is niet
echt groot en doet ons denken aan thuis. In één van de hoeken
staat een ladenkastje, in de andere een soort campingtafeltje
met daaronder een grote doos zwarte bonen. Dat belooft wat!
Als we onze rugzakken een plaats hebben gegeven gaan we naar
beneden om officieel kennis te maken met ons gastgezin. De jongere
vrouw, ik schat niet veel ouder dan ons, stelt ons voor aan
opa, oma, Daniël (8 jaar), Jennifer (10 jaar), haar echtgenoot
en de extreem enthousiaste 4 maanden oude pup. De twee andere
kinderen die door het huis rennen zijn kinderen van haar broer
en 'gelukkig voor ons' alleen even op bezoek. De jongelui in
de voorkamer zijn Guatemalteekse studenten die niet in het huis
wonen maar wel driemaal per dag langskomen om te eten.
Omdat het lunchtijd is mogen ook wij in de voorkamer plaatsnemen.
Als wij gaan zitten, staan de studenten op en groeten met 'gracias',
voor ons het teken om 'buen provecho' te zeggen. Omdat we mams
al hebben laten weten dat zwarte bonen niet tot onze favorieten
behoren zijn we erg benieuwd naar datgene wat ons te wachten
staat. Als Jennifer de ontbijtbordjes met een vierkant brokje
vlees, twee schijfjes komkommer en wat lauwe rijst op tafel
zet heb ik nog het idee dat dit het voorgerecht betreft. Helaas,
hier blijft het bij. We troosten ons met de gedachte dat er
op vrijwel elke straathoek een bakker is waar je de lekkerste
dingen kan kopen.
Als we tegen de avond terugkomen worden we door de familie uitgenodigd
plaats te nemen in de woonkamer. In rap tempo komen we van alles
te weten over de familie. Zo slaapt Daniël in de kamer van de
ouders, Jennifer bij oma en alleen opa heeft een eigen kamertje.
Ook komen we erachter dat er nog eens vier Guatemalteekse studenten
inwonen bij de familie. Dit verklaart tevens de bestemming van
de kamers achter de resterende deurtjes van het huis. Met ons
erbij wonen er dus twaalf personen in het huis. Dit is goed
te merken als ik voor de eerste maal gebruik maak van het toilet.
Er hangt een onaangename bedompte geur in het badkamertje. Het
halfkapotte raam dat uitkomt op de patio geeft niet echt een
lekker gevoel van privacy.
Als ik de volgende ochtend beneden kom wordt ik door de kinderen
begroet met een vrolijk 'buenas dia Roberto'. Minder blij ben
ik als blijkt dat er deze ochtend geen stromend water is. Omdat
dit blijkbaar vaker voorkomt staan er plastic wasteiltjes klaar
bij de betonnen wasbak. Het is me meteen duidelijk waarom deze
altijd tot de rand gevuld wordt met water. Geen stromend water
betekent natuurlijk ook dat de spoelbak van het toilet zich
niet automatisch vult. Noodgedwongen spoel ik de ochtendboodschap
weg met hetzelfde wasteiltje.
Elke dag als we na de lessen thuis komen hopen we dat de badkamer
is schoon gemaakt. Helaas, de ranzige geur wordt steeds erger.
Het ooit zo witte keramiek van de pot wordt met de dag geler.
We verdenken opa en Daniel ervan een mikprobleem te hebben.
We vragen ons zelfs af of ze de bril uberhaupt wel eens optillen.
Indien mogelijk proberen we dan ook uit te wijken naar andere
toiletten, zoals bijvoorbeeld die van de school, McDonalds of
Café La Luna.
Halverwege de week worden de twijfels of we nog eens een hele
week bij deze familie willen blijven alsmaar sterker. Was de
familie nou maar niet zo aardig, dan waren we al lang vertrokken.
We kunnen immers goed opschieten met de vriendelijke (groot)ouders
en altijd enthousiaste kinderen. Aan alles is te merken dat
het slimme kinderen zijn. Elke grammaticale onjuistheid aan
onze kant wordt door hen gecorrigeerd alsof ze ervaren docenten
zijn. Donderdagavond zijn voor mij alle twijfels verdwenen,
we gaan verkassen! Iets later dan normaal komen we deze avond
aan bij het huis. De familie is dan al in diepe rust. Slapen
gaan betekent ook dat alle lichten uitgaan. Het is dus pikdonker
in het huis. Omdat we de lichtschakelaar niet kunnen vinden
zoekt M op de tast de koelkast die in het woonkamergedeelte
staat. Met de geopende deur hebben we net genoeg licht om de
deur te openen die de kamer scheidt van de patio. Omdat ik hier
wel weet waar de lichtschakelaar zich bevindt loop ik er recht
op af. Als het licht aangaat zien we een aantal hoopjes op de
grond liggen. Eén van de hoopjes is platgetrapt. Dan dringt
het tot me door. Ik ben zojuist in een hondedrol gestapt......
De volgende maandag worden we met open armen ontvangen door
een andere familie. Met onze vingers gekruist volgen we dona
Catalina naar onze kamer. Als
de deur open gaat kunnen we ontspannen. Het is een royale kamer
met een aangenaam fris geurtje. Aan de muren hangen allerlei
katholieke prenten en een aantal vergeelde diploma's. Typerend
is ook de grote munt met een afbeelding van Paus Johannes Paulus
II die een prominente plek boven het bed heeft gekregen. Tijdens
de lunch ontmoeten we de overige leden van de familie: Carlos
(19), Gerber-Antonio (1) en grootmoeder Irma. Met z'n vieren
zorgen zij ervoor dat we het in dit huis ontzettend naar onze
zin hebben. De badkamer wordt regelmatig schoongemaakt en ook
over het eten hebben we niet te klagen. Zo kan het dus ook!